CDA  – Samen Succesvol voor Wassenaar

Begrotingsbehandeling 2013; Inbreng CDA

Reacties uitgeschakeld voor Begrotingsbehandeling 2013; Inbreng CDA

Voorzitter,

Vandaag behandelen we de begroting 2013, al weer het laatste volle jaar van deze collegeperiode.  Een begroting die laat zien dat Wassenaar z’n zaken op orde heeft. Wassenaar is financieel gezond en we slagen er nog steeds in om veel goede projecten te realiseren. Als je een vergelijking maakt met veel andere gemeenten, staan we er bepaald niet slecht voor.

Maar dat alles is bepaald geen reden voor zelfgenoegzaamheid of om achterover te leunen. Het maandag gepresenteerde regeringsakkoord laat zien dat er belangrijke vraagstukken en lastige keuzes op ons afkomen. Grote decentralisatietrajecten, forse kortingen op de financiën en bovendien het dreigement van vergaande schaalvergroting door gemeentelijke fusies. Ook de nationale ombudsman uitte daar gisteren al z’n zorgen over.

We zullen belangrijke keuzes moeten maken om Wassenaar het mooie dorp te laten blijven dat het nu is. En ‘mooi’ dan niet alleen in de zin van groen, ruimte, natuur en bebouwing. Natuurlijk dat ook, maar vooral ‘mooi’ in de zin van een dorp als lokale gemeenschap. Een gemeenschap waar mensen centraal staan, waar mensen kansen krijgen en waar iedereen mee kan doen.

De begroting van 2013 bevat – en gelukkig maar – niet veel verrassingen. Er is sprake van continuïteit in het beleid en het college werkt voortvarend aan de uitvoering van het collegeprogramma. En toch slagen we er niet in om dat beeld ook uit te dragen. In de media zie je eerder een beeld van wat er allemaal niet zou deugen, van bestuurders en raadsleden die elkaar grote verwijten maken, van zaken die niet door de beugel kunnen. Een beeld waar menig Wassenaarder zich voor schaamt en zich afkeert van de lokale politiek. Een beeld waar we gezamenlijk de verantwoording voor dragen en waar we gezamenlijk verandering in zullen moeten aanbrengen. Naar onze overtuiging kan dat alleen door elkaars rollen te respecteren, door professioneel ons werk te doen en door op de bal in plaats van op de man te spelen. Dat geldt voor ons als raad onderling, maar ook tussen college en raad. Respect voor elkaars positie betekent ook dat het college de raad nooit mag beschouwen als een lastig orgaan waar je nu eenmaal niet omheen kunt, een lastige hobbel die je moet nemen om dan weer snel verder te kunnen met je eigen agenda. De raad is als volkvertegenwoordiging het hoogste orgaan in onze lokale democratie. Die moet zich zo gedragen, maar die moet ook zo behandeld worden.

De begroting begint met het programma Goed bestuur en goede dienstverlening. Dat vereist ook transparantie en de bereidheid voortdurend verantwoording af te leggen. Terecht wordt in dit programma dan ook gesteld dat de democratische controle op de gemeenschappelijke regelingen versterkt moet worden. Ontwikkelingen rond Avalex en de GGD maken duidelijk hoe nodig dat is. De vraag is dan wel hoe we dat gaan doen. Wij stellen voor om daar helderder spelregels voor af te spreken, bijv. de om de GR-en veel vaker op de agenda van de raad (of carrousel) te zetten en raad eerder te informeren over en te betrekken bij belangrijke besluiten.

Al diverse malen hebben we hier gesproken over de vorming van de Metropoolregio en de afbouw van het Stadsgewest Haaglanden. In de begroting wordt gemeld dat dat gepaard kan/zal gaan met frictiekosten. Is daar al iets meer duidelijkheid over? Om wat voor kosten gaat het dan en om hoeveel? Als CDA zitten we bepaald niet te wachten op negatieve verrassingen.

Begin dit jaar hebben we besloten om de samenwerking met Voorschoten te intensiveren en de ambtelijke organisaties te integreren. Het college, maar vooral ook de organisatie is hier buitengewoon voortvarend mee aan de slag gegaan en een groot compliment voor de medewerkers is dan ook op z’n plaats. Ondanks de reorganisatie en de onzekerheid die dat voor veel medewerkers met zich meebrengt, blijft de organisatie toch functioneren. Terecht wordt gesteld dat het kan leiden tot meer efficiency, kwaliteit en slagkracht, zonder afbreuk te doen aan de lokale identiteit en dienstverlening. Als CDA voegen we daar – en bepaald niet voor het eerst – nog een punt aan toe: de samenwerking mag geen afbreuk doen aan onze beleidsvrijheid. Wij moeten onze eigen beleidskeuzes zelf kunnen blijven maken. Het kan niet zo zijn dat wij onze standpunten niet meer kunnen vormgeven omdat de samenwerking met een buurgemeente dat belemmert. Als samen optrekken leidt tot meer efficiency en dat een argument zou zijn voor bepaalde keuzes, dan moet dat transparant gecommuniceerd worden. Dus geen gekunstelde argumenten om bepaalde keuzes voor te stellen en dat vervolgens blijkt dat het echte argument is dat we willen aansluiten bij Voorschoten.

Op het vlak van digitalisering heeft de gemeente een grote slag gemaakt. Steeds meer producten en diensten kunnen online worden geregeld. Dat verdient zonder meer een compliment richting de organisatie.

Het college heeft in dit programma nog een wel heel bijzondere ambitie: de terugloop van het aantal huwelijken beperken. Ik ben maar zo vrij om aan te nemen dat het college geen beleid gaat ontwikkelen om scheidingen of het ongehuwd samenwonen tegen te gaan en dat gedoeld wordt op het aantal huwelijkssluitingen. Helaas heeft onze fractie als enige fractie tegen het voorstel gestemd om de aanwijzing van trouwlocaties te delegeren aan het college. Wassenaar heeft een van de mooiste trouwlocaties van ons land: de Paauw. Wij vinden het jammer dat daar afbreuk aan wordt gedaan door dat aantal fors uit te breiden.

Terecht staat er in de begroting dat iedereen in Wassenaar volwaardig moeten kunnen deelnemen aan de Wassenaarse samenleving. De gemeente heeft de taak om te zorgen voor een voldoende voorzieningenniveau om dat mogelijk te maken, zeker voor de mensen die dat niet op eigen kracht kunnen. Verantwoordelijk zijn voor, betekent echter niet dat je als gemeente ook zelf alles in eigen beheer moet doen. Maatschappelijke organisaties, verenigingen, vrijwilligers en mantelzorgers vervullen een onschatbare en onmisbare bijdrage die je als gemeente nooit kunt overnemen, maar wel kunt ondersteunen en faciliteren waar dat nodig is. Belemmeringen wegnemen (bijv. onnodige regelgeving), overleggen organiseren, samenwerking stimuleren, professionalisering bevorderen en waar nodig ook financieel ondersteunen. Daarmee kom ik op een voor het CDA belangrijk zorgpunt in deze begroting. Twee jaar geleden hebben we uit financiële noodzaak moeten besluiten om te korten op de subsidies voor een groot aantal maatschappelijke organisaties. Dankzij de overschotten die er afgelopen jaren bleken te zijn, hebben we het doorvoeren van die bezuiniging gelukkig kunnen uitstellen maar niet kunnen besluiten tot afstel. Dat betekent een forse financiële aderlating voor veel organisaties. Daar bovenop lijkt nu echter nog een grote tegenvaller te worden begroot. In de begroting staat namelijk een groot bedrag (410k) ingeboekt als extra huurinkomsten van gemeentelijke accommodaties. In 2013 gaat het dan om 240.000 euro minder subsidies en tegelijkertijd 410.000 euro hogere huren. In 2014 zijn die bedragen al 499.000 en 444.000 euro, ofwel bijna een miljoen euro! Het CDA vindt dit buiten proportie. Dat er bezuinigd moet worden is helaas een feit. Maar dat mag er nooit toe leiden dat we belangrijke activiteiten en organisaties de nek omdraaien. Daarom de volgende vragen:

–          De afspraak was dat maatschappelijke organisaties gecompenseerd zouden worden voor de hogere huren. Is dat nog steeds de bedoeling, zo ja hoe dan en hoe is dat verwerkt in de begroting?

–          In hoeverre is (juridisch) mogelijk om de huren met het genoemde bedrag te verhogen?

–          Hoeveel van de begrote huurverhoging komt ten laste van maatschappelijke organisaties, en om welke organisaties gaat het dan?

–          Is er bij maatschappelijke organisaties sprake van een ‘stapeling’ van bezuinigingen op de subsidies en een verhoging van de huur en, zo ja, bij welke? En welke effecten zal/kan deze ‘stapeling’ hebben op het beleid?

Voorzitter, in 2013 zal er volgens de begroting 250.000 euro bezuinigd worden op het participatiebeleid. Het college zal daartoe een voorstel doen. Is daar al iets meer over bekend? Het kan niet zo zijn dat we daar bij voorbaat al mee instemmen, zonder de inhoud en gevolgen te kennen, en later te horen krijgen dat we er al mee akkoord zijn gegaan door de begroting vast te stellen.

Het CDA is uiteraard blij dat in de paragraaf maatschappelijke ondersteuning de belangrijke rol van vrijwilligers, mantelzorgers en maatschappelijke organisaties wordt onderkend. Daarbij staat echter wel heel stellig dat professionalisering van de vrijwilligerscentrale een verantwoordelijkheid is van de organisatie zelf en dat dit tegelijkertijd een voorwaarde is om aan de gemeentelijke ambities te voldoen. Voorzitter, als de gemeente op dit punt zulke sterke ambities heeft, is het juist zaak om te kijken hoe we die professionalisering kunnen ondersteunen. Dat is niet (alleen) een kwestie van geld, maar vooral van ondersteuning op het vlak van kennisvergroting en -uitwisseling, beschikbaar stellen van faciliteiten etc. Wat er nu staat is te kort door de bocht en straalt te weinig creativiteit uit. Kunnen de combinatiefunctionarissen hier wellicht ook een rol spelen?

Het gisteren gepresenteerde regeerakkoord geeft aan dat er komende diverse taken worden overgeheveld naar de gemeente. Daarbij denk ik vooral aan de drie grote transities: de Wet Werken naar Vermogen, de jeugdzorg en delen van de AWBZ. We mogen niet lijdzaam afwachten hoe die transities er exact gaan uitzien, maar we moeten volop aan de slag om daar een eigen visie op te ontwikkelen. Ook hier betekent ‘verantwoordelijk zijn voor’ niet dat de gemeente alles zelf moet oppakken. Juist op deze terreinen spelen immers ook maatschappelijke organisaties een belangrijke rol, zoals de woningcorporaties, de zorginstellingen, de SWOW, enz. Wij stellen daarom voor dat het college het initiatief neemt om te komen tot een Platform Wonen, zorg en welzijn. Een Platform waar alle betrokken organisaties voor worden uitgenodigd en dat kan dienen voor overleg, afstemming en samenwerking. Als regisseur van de platform houdt de gemeente het overzicht van de verschillende activiteiten, ziet waar eventuele lacunes ontstaan en zorgen voor samenhang in het beleid. Voorzitter, is het college bereid dit initiatief te nemen?

In het kader van zorg, doet de CDA-fractie graag nog een andere voorstel. Al vele jaren is er een groot tekort aan orgaandonoren. Landelijk worden er veel acties gevoerd om het aantal donoren te vergroten en is er discussie over de wetgeving. Maar ook gemeenten kunnen hier iets aan doen. Zo is er een convenant tussen de VNG en de gezondheidsfondsen (zoals de Nierstichting) waarin is afgesproken dat de gemeenten bij het afgeven van rijbewijzen en paspoorten standaard een informatiefolder uitreikt over orgaandonatie. Het valt ons op dat Wassenaar daar (nog) niet aan meedoet en vandaar de vraag of het college bereid is om alsnog invulling te geven aan dat convenant.

Terecht wil het college zich inzetten voor een uitnodigend ondernemersklimaat en een aantrekkelijke detailhandel. Daarover twee vragen/opmerkingen:

Ondanks dat de detailhandel momenteel een moeilijke tijd doormaakt, zijn er plannen om in onze regio (Bleizo) een factory outlet te ontwikkelen van zo’n 20.000 m2 winkelvloer. Met oneigenlijke argumenten, zoals dat het hier niet om detailhandel zou gaan maar om ‘leisure’, lijken de provinciale bestuurders geneigd daar toestemming voor te gaan geven. En dat terwijl onderzoek uitwijst dat je met zo’n factory outlet de consument wegtrekt uit de bestaande winkelgebieden. De Wassenaarse winkeliersvereniging heeft hierover een brief gestuurd naar het college om hun zorgen hierover kenbaar te maken. Wat heeft het college met deze brief gedaan en wat gaat het college ondernemen om de provincie op andere gedachten te brengen.

Het CDA is zeer positief over realisatie van het ondernemersfonds. Dit kan een belangrijke impuls geven aan de aantrekkelijkheid van de Wassenaarse detailhandel. We beklemtonen daarbij wel dat de ondernemers zelf beslissingsbevoegd worden over de besteding van de gelden (dus niet “op termijn” zoals in de begroting staat) en dat het fonds niet gebruikt mag worden om daar geleidelijk gemeentelijke taken onder te brengen.

In de paragraaf over ruimtelijke ontwikkeling staat dat de gemeente een gericht en actief grondbeleid voert. Ook wordt er gesproken over strategische aankopen. Graag horen wij een nadere toelichting wat het college hiermee bedoelt. Talloze gemeenten zitten met enorme financiële problemen, juist door hun (te) actieve grondbeleid. Het CDA is dan ook zeer terughoudend op dit punt.

Onlangs hield de wethouder Volkshuisvesting een inleiding tijdens een bijeenkomst van de WBS. Daarbij lichtte zij toe dat de gemeente inzet op het vergroten van het woningaanbod voor specifieke doelgroepen, m.n. ouderen, om zo de doorstroming te bevorderen. Het CDA juicht dit van harte toe en beklemtoont hierbij de noodzaak van een goede samenwerking tussen de gemeente en beide woningcorporaties.

Voor de openbare ruimte hebben we er voor gekozen om de voorzieningen op kwaliteitsniveau C te brengen en te houden. Voorzitter, wij zijn benieuwd hoe het daarmee staat. Blijkbaar hebben we dit niveau nog niet behaald en blijkt daar mee geld voor nodig te zijn. Wanneer hebben we in de gehele gemeente het gewenste niveau gerealiseerd en hoe vindt de periodieke schouw plaats?

De afgelopen tijd is er veel gesproken over het gemeentelijk monumentenbeleid. Daarbij heeft de CDA-fractie ook aandacht gevraagd voor de ‘groene monumenten’. In de begroting is daar echter niets over terug te vinden en vandaar de vraag hoe het daarmee staat en hoeveel geld daarvoor beschikbaar is.

Als woordvoerder van de CDA-fractie, maar ook als voorzitter van de raadswerkgroep Valkenburg, vraag ik uiteraard ook vandaag aandacht voor de ontwikkelingen op en rond het voormalig vliegkamp. In de begroting wordt daar nauwelijks aandacht aan besteed, maar ik doe wederom een klemmend beroep op het college om juist op dit punt grote ambitie en inzet te tonen. Wassenaar zal elke mogelijkheid optimaal moeten blijven benutten om de ontwikkelingen daar ten goede te beïnvloeden.

Voorzitter,

Vijftien minuten is helaas veel te kort om alle beleidsterreinen en voornemens uitvoerig te bespreken. Ook wij hebben een selectie moeten maken van een aantal onderwerpen, maar dat betekent uiteraard niet dat andere punten daarmee niet belangrijk zouden zijn. Zoals ik in het begin aangaf, is er gelukkig sprake van veel continuïteit in het beleid zodat we veel punten hier nu niet hoeven te benoemen. Beleid dat er wat het CDA betreft op gericht moet zijn en blijven dat Wassenaar die mooie gemeente blijft. Een lokale gemeenschap waar elke Wassenaarder volwaardig kan meedoen.

Deel dit artikel!

Reacties zijn gesloten